Interview
Maaike Tindemans
Tekst:
Maaike Tindemans
Verwachte leestijd: 4 min

Contourennota: ‘Dit is de schets van het toekomstigbestendige stelsel van crisisbeheersing en brandweerzorg’

De Nederlandse crisisstructuur moet de komende jaren verstevigd worden. Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft samen met de 25 veiligheidsregio’s en andere partners in het land in kaart gebracht wat er moet gebeuren om tot een toekomstbestendig stelsel van crisisbeheersing en brandweerzorg te komen. De resultaten hiervan worden geschetst in de contourennota. ‘We gaan er samen met hen voor zorgen dat het niet bij mooie woorden blijft, maar dat de praktijk er daadwerkelijk beter van wordt.’

De versterking van de crisisbeheersing in Nederland is noodzakelijk omdat de crises van nu – denk aan grootschalige digitale uitval of de coronapandemie - complexer en veelzijdiger zijn dan de meer traditionele crises. Dát is een van de lessen die we geleerd hebben van de crises die we de afgelopen jaren van dichtbij hebben meegemaakt. Deze lessen onderschreven bovendien de conclusies van de evaluatiecommissie Wet veiligheidsregio’s onder leiding van hoogleraar Erwin Muller. Dat Nederland een crisisstructuur nodig heeft waarin crisispartners op alle niveaus goed met elkaar samenwerken, daar is iedereen het over eens. Maar hoe regel je dat op een goede manier? En hoe zorg je ervoor dat deze structuur geborgd wordt in de wet?

Om hier stappen in te zetten heeft het ministerie van Justitie en Veiligheid samen met de 25 veiligheidsregio’s, publieke en private partners en het rijk de Contourennota Crisisbeheersing en Brandweerzorg geschreven. In deze nota staat omschreven wat er moet gebeuren om tot één goed landelijk werkend stelsel te komen. “Het mooie van deze nota is dat hij is opgesteld samen met de partners in het land”, zegt beleidscoördinator Annetta Uittenbogaart-van Es. “We gaan samen met hen werken aan een actieprogramma waarin staat hoe we tot de gewenste versterking gaan komen.”

Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft samen met de veiligheidsregio's en andere partners in het land de contourennota geschreven

Het ministerie zal hiervoor de wet moeten aanpassen, zodat de nieuwe werkwijze wettelijk geborgd wordt. Dit gebeurt in stappen en zal vanaf 2024 plaatsvinden. “Maar daar hoeven we niet op te wachten”, zegt coördinerend beleidsmedewerker Gijs Baars. “De versterking van de crisisstructuur is al gaande en zal ook de komende tijd doorgaan. Er worden al continu in alle sectoren en op alle niveaus verbeteringen doorgevoerd, waardoor we tot een beter werkend stelsel komen.”

Annetta: “De contourennota geeft richting en zorgt voor een versnelling. Dat draagt eraan bij dat het niet bij mooie woorden blijft, maar dat we het echt op deze manier gaan doen.”

Dat klinkt als een groot en omvangrijk traject. Hoe hebben jullie dit aangepakt?
Annetta: “Na het verschijnen van de evaluatie Wet veiligheidsregio’s is namens het kabinet een standpunt op hoofdlijnen op dit rapport aan de Kamer aangeboden. Vervolgens zijn we met de crisispartners in het veld aan de slag gegaan. We hebben in kaart gebracht welke verbeteringen zij zien en wat er nodig is om die verbeteringen samen te realiseren. Zo’n 25 organisaties hebben hierin meegedacht in een werkconferentie en in uitgebreide consultaties. Dit zijn onder andere de veiligheidsregio’s, de ministeries van BZK, VWS, IenW en Defensie, de VNG en de politie. Zo zijn we tot de contourennota gekomen, waarvan wij de penvoerder waren.”

Wat waren in grote lijnen belangrijke verbeterpunten die aan het licht kwamen?
“Dat er nog meer dan voorheen – los van geografische en organisatorische grenzen – de samenwerking gevonden dient te worden. Partijen moeten elkaar nog beter gaan vinden.”

Gijs: “Ook kwamen we tot de conclusie dat je niet alles nationaal hoeft te regelen. Vrijwel elke crisis begint lokaal. Lokale partijen zijn vaak prima in staat om die crises zelf op te lossen. Het is wel belangrijk dat zij dit samen doen en dat de informatie- en communicatievoorziening tussen alle crisispartijen geborgd is.

Als een crisis wordt opgeschaald naar ‘bovenregionaal’ of ‘landelijk’ bestaat er nog te veel onduidelijkheid over wie er op dat moment waar verantwoordelijk voor is en hoe de informatie op een juiste manier gedeeld wordt. Daar liggen echt nog een aantal verbeterpunten.”

Tot welke actiepunten heeft dit geleid?
Annetta: “We zijn tot een hele lijst met actiepunten gekomen die uiteenlopend zijn van aard. We zijn daarbij allereerst – net als de evaluatiecommissie - tot de conclusie gekomen dat er al veel dingen goed gaan. Maar, zoals gezegd, het is bijvoorbeeld belangrijk dat we de komende jaren investeren in informatiemanagement. Hier is de afgelopen jaren al over nagedacht en er zijn stappen gezet om te komen tot een knooppunt voor bovenregionale en landelijke informatiestromen van en naar veiligheidsregio’s, het rijk, politie, defensie, vitale partners en andere crisispartners, namelijk het Knooppunt Coördinatie Regio Rijk (KRC2).”

Gijs: “Ook op andere vlakken zijn er al veel goede dingen in gang gezet. Zo kan - vastgelegd in het nieuwe nationaal handboek crisisbeheersing – de voorzitter van het Veiligheidsberaad met raadgevende stem deelnemen aan de Ministeriële Commissie Crisisbeheersing (MCCb). Daarnaast wordt er gebruik gemaakt van experts in crisisoverleggen. Het Rode Kruis heeft bijvoorbeeld aansluiting gevonden bij de landelijke crisisoverleggen die over migratie gaan. Dit hoeft dus niet opnieuw uitgevonden te worden: dit is een voorbeeld waarbij we de werkwijze, die in de praktijk ontstaan is, alleen nog maar vast hoeven te leggen, zodat ze formeel een onderdeel worden van de nationale crisisstructuur.”

Wat is het voordeel van deze aanpak ten opzichte van de meer ad hoc aanpak die er voorheen was?
Annetta: “Dat de crisis wordt opgelost door de mensen die hier expertise in hebben opgebouwd, dat de beelden sneller op tafel komen, dat we met z’n allen vanuit één gedeeld beeld gaan werken en dat we op de verschillende tafels dezelfde informatie hebben over de ernst, de aantallen en de maatschappelijke ontwrichting van de crisis. Alles bij elkaar leidt dit tot betere besluiten. Het zorgt er bovendien voor dat het stelsel als geheel beter gaat werken. Daardoor kunnen we ook nieuwe type crises beter aan. Je moet dan denken aan crises die langer duren en niet meer plaatsgebonden zijn.”

Dat klinkt goed. Maar in de praktijk zijn organisaties het niet altijd eens over de gewenste aanpak en over de rolverdeling tijdens een crisis. Hoe zijn jullie daarmee om gegaan?
“Dat klopt. We hebben geconstateerd dat er onderwerpen zijn waar spanning op zit. Soms hebben we compromissen moeten sluiten om samen tot één visie te komen.

Sommige zaken zijn nog niet opgelost. We merkten bijvoorbeeld dat sommige partijen een verschillend beeld hebben over de rolverdeling. Er is nader onderzoek nodig om de verschillende invalshoeken bij elkaar te brengen. Maar, ook hierin zijn wel degelijk belangrijke stappen gezet: we hebben met elkaar geconcludeerd dat er aanpassingen nodig zijn en we hebben afgesproken dat dit opgelost gaat worden.”

Het kenmerk van een crisis is dat de reguliere organisaties overvraagd worden of dat we geconfronteerd worden met een nieuw probleem waar nog geen structuur voor is. Daardoor ontstaan er tijdens crises vaak ad hoc-oplossingen en -organisaties. Is het haalbaar om een crisisstructuur te bouwen waarin dat soort ad hoc-oplossingen en -organisaties niet meer nodig zijn?
“We gaan er in ieder geval – samen met de bestaande organisaties – voor zorgen dat zij beter toegerust zijn, zodat zij meer aankunnen. Ook zijn de crisisstructuren van de toekomst flexibeler. En het helpt als organisaties elkaar beter kennen. Zo weten zij elkaar te vinden, als zij hulp nodig hebben.

Ondanks dat alles kan er natuurlijk nog steeds een crisis op ons pad komen waar we onvoldoende op voorbereid zijn. Maar we kunnen dan wel terugvallen op een goede basisstructuur die flexibel opschaalbaar is. Het kan dan nog steeds nodig zijn om gelegenheidsverbanden aan te gaan. Maar door de goede basis is een nieuwe structuur wel sneller op te bouwen, past het beter in het systeem en is het geheel beter geborgd. Natuurlijk kom je dan nog steeds voor dilemma’s te staan. Maar de organisaties zijn dan wel beter in staat om crises samen aan te gaan.”

Welke status heeft de contourennota nu? En welke acties kunnen we de komende tijd verwachten?
“We hebben op 2 november een bestuurlijke conferentie gehouden. De bestuurders van de betrokken organisaties hebben de beschreven hoofdlijnen en acties toen omarmd. Vervolgens heeft de minister van Justitie en Veiligheid Dilan Yeşilgöz-Zegerius de nota aangeboden aan de Tweede Kamer. De Tweede Kamer heeft deze besproken, waarmee we groen licht hebben gekregen om de acties uit de nota van papier naar praktijk te brengen en aan de slag te gaan met het ontwerpen van de concept wetteksten.”

Wil je meer informatie over het programma? Of wil je input leveren? Mail dan naar: programmaVCB@minjenv.nl.

11 maart 2023